Posts tonen met het label CULTUURFILOSOFIE. Alle posts tonen
Posts tonen met het label CULTUURFILOSOFIE. Alle posts tonen

zondag 30 november 2008

Om het te laten regenen, geeft de magiër de aarde water

Referentie:

Maritain, Jacques - Morris, Mary, "Sign and Symbol", Journal of the Warburg Institute Vol. 1, No. 1 (Jul., 1937), pp. 1-11

Plaatskenmerk:

jstor.org
Mijn computer/filosofische bibliotheek

Extract:

"A sign therefore, not only causes knowledge, it makes existance - it is in itself cause. To make it rain, the magician will water the earth. The theory of mana among the Melanesians (avenda among the Iroquois, wakonda among the Sioux), as a force spread throughout nature in which all things participate in divers degrees, appears to be the result of subsequent reflection on this use of signs." (p. 8)

Commentaar:

Helemaal aan het begin van de ontwikkelinsgang van religie moet het geweest zijn als in bovenstaand citaat, zo stel ik mij voor, toen mensen nog middenin de natuur woonden, toen cultuur nog veel directer en herkenbaarder een herscheppen van natuur was.
In dit citaat lijkt de idee van een kracht die door de hele natuur is verspreid en waar alle dingen deel aan hebben te zijn geëvolueerd uit rituele praktijken, vooral door over het gebruik van tekens na te denken.
Het boeit me om hiernaar onderzoek te doen, want het zou ook andersom gegaan kunnen zijn, namelijk dat er ooit een tijd was waarin mensen nog zo dicht bij de natuur stonden dat zij zich in hogere mate dan in latere stadia één voelden met de natuur en dat ze dat gevoel van één te zijn met de dingen kwijt raakten naarmate ze taliger werden. De rituelen en symbolen zouden dan een rol hebben kunnen spelen in de neutralisering van deze verwijdering.

STAP 2: Relevant artikel via JSTOR

zaterdag 29 november 2008

Natuurkrachten worden goden

Referentie:

Freud, Sigmund, Beschouwingen over cultuur, vijf essays vertaald door Wilfred Oranje e.a., Amsterdam: Boom, 1999, 406 p.

Plaatskenmerk:

Artesis Hogeschool Antwerpen - G
G 15 G-FREU 1999

Extract:

"Op soortgelijke wijze maakt de mens de natuurkrachten niet eenvoudigweg tot mensen met wie hij als met gelijkwaardigen kan omgaan - dat zou ook geen recht doen aan de overweldigende indruk die hij van hen heeft - maar hij geeft hun het karakter van een vader, maakt hen tot goden en volgt daarbij niet alleen een infantiel, maar ook, zoals ik gepoogd heb aan te tonen, een fylogenetisch voorbeeld." (p.251)

Commentaar:

Volgens Freud stelt de mens zich teweer tegen het noodlot en de overmacht van de natuur door cultuur te scheppen. Culturen vermenselijken natuurkrachten, die daardoor niet minder vreemd worden, maar het lijkt dan alsof ze kunnen worden beheerst. Het gaat erom dat destructieve krachten antropomorf worden voorgesteld, zodat mensen erop reageren kunnen. Het is nogal mal om bijvoorbeeld de dood te proberen te vermurwen om voorlopig nog even weg te blijven, omdat de dood in feite slechts een begrip is waarmee levenloosheid wordt aangeduid. Maak je echter van de dood een man met een zeis of een straf van God, dan kunnen de man of God wellicht worden overreed om genade te hebben, althans voor dit moment.

STAP 1: Relevant boek via bibliografie naslagwerk

Met praten komen we er wel uit

Referentie:

Derrida, Jacques, "Force of Law: The `Mystical Foundation of Authority' ", in: Cornell, Drucilla - Rosenfeld, Michel - Carlson, David Gray (eds.), Deconstruction and the Possibility of Justice: London, Routledge, Chapman and Hall, 1992, p. 3 - 67

Plaatskenmerk:

RECH 340.1 G-CORN 92

Extract:

"Benjamin intends to prove that a non-violent elimination of conflicts is possible in the private world when it is ruled by the culture of the heart, cordial courtesy, sympathy, love of peace, trust. Dialogue as technique of civil agreement, would be the most profound example." p. 49

Commentaar:

Bij Freud las ik dat (massa)mensen alleen met een zekere mate van dwang aan de cultuur te binden zijn opdat ze niet ongebreideld hun driften najagen en dat dit komt doordat zij uit zichzelf geen lust tot werken hebben en doordat argumenten niets vermogen tegen hun hartstochten. (Freud, Sigmund, Beschouwingen over cultuur, Amsterdam: Boom, p. 240) Uit bovenstaand citaat maak ik op dat Walter Benjamin daar volgens Derrida optimistischer over was.
Ik vrees dat ik zelf meer geloof hecht aan de sombere visie van Freud.

De relevantie met m.b.t. mijn thema is indirect. Dit was echter het enige van de weinige artikelen in de bibliografie van het naslagwerk dat ik kon bemachtigen.

STAP 1: Relevant artikel via bibliografie naslagwerk

zaterdag 15 november 2008

Shintogoden en politiek

Referentie:

Ten Grotenhuis, Elizabeth, review of: Thal, Sarah, Rearranging the landscape of the gods. The politics of a pelgrimage site in Japan, 1573-1912, Chicago: University of Chicago Press, 2005, 410 p., in: History of religion 48 (2008) 1, p. 81

Plaatskenmerk:

FILO E 10 HIRE

Extract:

"She explores four aspects of the kami that contribute to this difficulty; the particularity of kami; the startling frequency with which kami change identities; their close association with myriad other kinds of powerfull beings; and the problem of applying Western religious concepts (...)"

Commentaar:

Kami zijn een soort goden, maar vallen niet samen met ons begrip 'goden'. Dat is de "moeilijkheid" waarvan in de eerste zin van dit citaat sprake is. Het gaat om shinto 'goden'. Mensen die geïnteresseerd zijn in interactie tussen politiek en religie zullen vooral iets aan dit boek hebben, aldus Ten Grotenhuis.
Naar het schijnt, hebben elkaar opvolgende machthebbers de kami steeds andere identiteiten gegeven, passend bij de manier waarop zij de bevolking naar hun hand wilden zetten. Het aanzien van de kami heeft er niet onder geleden.

Kami schijnen niet 1:1 met onze goden vergeleken te kunnen worden, maar ik kan mezelf er niet van weerhouden te denken aan de manier waarop ooit elementen uit de Romeinse en Germaanse religies door het opkomende christendom zijn gekerstend.

maandag 3 november 2008

Waar gaat het over? Over religie

Referentie:

Marx, Karl - Engels, Friedrich, On Religion, Foreign Languages Publishing House, Moscow, 1955, 382 p.

Plaatskenmerk:

MAG-UIA-B 27567

Extract:

"Feuerbach, consequently, does not see that the "religious sentiment" is itself a social product, and that the abstract individual whom he analyzes belongs in reality to a particular form of society."

"The philosophers have interpreted the world, in various ways; the point, however, is to change it."

Commentaar:

Godsdienst kan niet los worden gezien van de maatschappij waaruit ze voort komt en de wereld moet niet worden geïnterpreteerd, maar veranderd, twee theses uit "Theses on Feuerbach", geschreven in 1845.
Zonder Marxist te zijn, ervaar ik het toch als bijzonder deze woorden nu "rechtstreeks" van de hand van Marx te lezen ook al lijkt de aanname dat de wereld te veranderen zou zijn in de postmoderne tijd een beetje naïef. Natuurlijk moet je zo'n uitspraak lezen in het licht van die tijd, wat weer niet noodzakelijk is voor de these dat godsdienst moet worden bestudeerd in samenhang met de maatschappij waarin je haar aantreft.